Search
Generic filters
Exact matches only
MENU

UCI Marathon Series – O Tour

Wanneer dikke mist alles om mij heen doet verdwijnen zijn het alleen nog de koeienbellen die over blijven. Het gerinkel galmt oneindig over de uitgestrekte bergflanken en geeft mij enigszins een rustgevend gevoel. Het werkt soort van ‘mediterend’ en zorgt voor wat afleiding, iets waar ik me op kan concentreren zodat ik de pijn in mijn benen even vergeet. Ondertussen zakt de temperatuur richting het vriespunt en maakt de matige regen maakt het recept voor een ware slijtageslag compleet. Plots verschijnt er tussen de wolken een kruis. Een groot houten kruis bovenop de berg. Normaal voor velen het teken van verlossing, maar ik weet dat vandaag daar de hel pas gaat beginnen.

Een uurtje eerder

De O-Tour bikemarathon (85km/3000hm) in het Zwitserse Alpnach, staat op het punt te beginnen. Met een parcours dat door het schitterende berglandschap van Obwalden slingert, wordt het waarschijnlijk een van mijn mooiste ritjes dit jaar. Echter is dat niet de reden dat ik hier ben. Ik ben hier vanwege het feit dat de O-Tour onderdeel is van de UCI Marathon Series (de hoogste internationale marathon competitie). Als marathon-renner op weg naar ‘de top’ wil ik me graag eens meten in dit internationale startveld vol marathonspecialisten.  

Daarnaast wordt hier dit jaar ook het Zwitsers kampioenschap verreden. Er staan zo’n  40 elite-renners aan de start, waaronder 16 WK kwalificanten.

De eerste kilometer

Op de eerste lange plaat omhoog word ik vrijwel meteen uit het wiel gereden. Niet eens even aan het elastiek, gewoon meteen eraf. Ik had verwacht hier nog redelijk makkelijk mee te fietsen, maar het lijkt wel of er stroop onder mijn wielen zit. Even begin ik aan mezelf te twijfelen. Zijn de benen zo slecht vandaag? Wanneer ik zie dat de grote kopgroep beetje bij beetje aan stukken wordt gereden weet ik genoeg: het machtsvertoon van de mannen voorin geeft een vertekend beeld van de werkelijkheid, ik heb namelijk prima benen. Vanaf dat moment besluit ik dan ook niet meer naar de anderen te kijken, maar mijn eigen koers te rijden. Dan zien we op de top wel hoe we ervoor staan.

Het Romeinse paadje

Mijn kleding is doordrenkt, zo niet van de regen dan wel van het zweet. IJzige wind waait over de bergkam naar beneden en blaast dwars door mijn natte handschoenen heen. Het is slechts een kwestie van tijd voordat ik het echt koud ga krijgen. Gelukkig is de top binnen handbereik en rest alleen nog het Romeinse paadje. 

Hierboven enkele verkenningsfoto’s van een paar dagen eerder.

Het oude wandelpad – dat in droge omstandigheden al lastig genoeg is om overheen te fietsen – ligt er belabberd bij. Door de regen zijn alle keien spekglad. Stuurfoutjes worden meteen afgestraft en meerdere renners leggen het laatste stukje te voet af. Door mijn verkenningsrit van een aantal dagen geleden ben ik aanzienlijk in het voordeel. Ik rijd de juiste lijnen en rol soepel door een aantal diepe geulen. Ik weet zelfs voor het eerst wat mannen in te halen. Ergens rond plek 30 bereik ik de top.

Dromend over een full suspension

Het hoogtepunt van mijn dag is bereikt, letterlijk dan. Op 1600 meter boven zeeniveau zuigen mijn longen zich vol met ijskoude lucht. Met de nodige moeite slurp ik snel een energie-gelletje naar binnen voordat ik de eerste afdaling induik. Wederom gaat het over keien, alleen nu zijn ze nog wat groter. Dromend over een full-suspension bike stuiter ik naar beneden en voelt iedere hobbel als een diepe, doordreunende mokerslag. IJskoud water klettert naar beneden en verandert het keienpad in een rivier. Achter mij hoor ik de piepende remschijven van mijn concurrenten dichterbij komen.

Een stukje verderop brengt een lange wandeltrap mij op een technisch pad door de bossen. Deze singletrail kent lastige wortelpassages die onderbroken worden door een aantal bruggetjes. Ik moet een paar stukjes lopen, verlies een plek, maar kom er al met al prima doorheen. 

Het meest technische gedeelte is achter rug, maar nu begint de kou parten te spelen. Er volgen langere stukken die onbeschut zijn en waar het tempo hoog ligt. Verschillende renners stappen bibberend van hun fiets wanneer zij de verzorgingspost bereiken. Doordat ik mij goed gekleed heb kan ik de kou – met uitzondering van een paar gevoelloze vingertoppen – nog net de baas blijven. Gelukkig krijg ik in de post droge handschoenen aangereikt. Ideaal en precies op het juiste moment. Er volgt een lange – bij vlagen lastige – afdaling terug naar Alpnach, maar met mijn warme handjes kom ik prima beneden.

Plekjes opschuiven

Eenmaal terug in Alpnach moet er nog een tweede lus gereden worden. Deze lus minder technisch, maar met een aantal steile passages van boven de 20% niet te onderschatten. Juist op die passages haal ik drie man – die op een fully rijden – in, en ben ik weer erg blij een hardtail onder de kont te hebben. 

De steile passages gaan over in een lekker lopende asfalt weg die naar de top slingert. Hoe hoger ik kom, hoe mistiger het wordt. Verder dan tien tot twintig meter is alles grijs. Of er nog plekken te winnen zijn weet ik niet, maar de benen voelen sterk en ik geef nog wat extra gas tot boven op de Ächerli pas (1200 meter). Onder gunstige omstandigheden heb je daar een prachtig uitzicht, maar vandaag zit het wat dat betreft een niet mee.

In de mist begin ik aan mijn laatste afdaling. Het is een mix van spekgladde alpenweiden, bochtige asfaltweggetjes, brede gravelstroken en smalle bospaadjes. Voor elk wat wils dus. Op een van de laatste bospaadjes schuif ik wederom een plekje op. 

Maximaal tot op de streep

De finale begint op het lokale vliegveld en het geeft me de mogelijkheid om ver vooruit te kijken. Ik zie niemand, maar gok dat er nog wel iets te halen valt. Tot in de finishstraat blijft ik maximaal geven en een paar honderd meter voor de meet haal ik nipt nog een geparkeerde Australiër in. Hiermee eindig ik – als debutant in de Marathon Series – op plek 25, dat is niet onverdienstelijk! 

Als kers op de taart pak ik 16 UCI punten en kom ik op de internationale ‘UCI Marathon Series Ranking’ binnen op plek 563. Dat op zich is leuk voor de moraal, maar nog veel leuker is dat deze punten mij een gunstige startpositie voor het NK Marathon opleveren, mijn hoofddoel dit seizoen. 

Camping life

Het was een waardevolle week in Zwitserland. Vanaf de camping in Sarne (7km van Alpnach) heb ik genoten van het buitenleven en kon me perfect voorbereiden op deze zware, maar ontzettend gave Alpenmarathon. Ikzelf had deze marathon bewust uitgekozen om mijn huidige vorm te testen in een internationale wedstrijd, maar je kan deze marathon uiteraard ook gewoon als recreant rijden en er een mooie toertocht van maken. Bij deze raad ik de O-Tour dan ook aan voor iedereen die nog een Alpenmarathon op de bucketlist heeft staan. 

Foto credits Daniel Velsen

Robin Overeem

Robin Overeem

Marathonrenner, avonturier en levensgenieter op de fiets.
Share on facebook
Delen via Facebook
Share on twitter
Delen via Twitter
Share on linkedin
Delen via LinkedIn
Share on whatsapp
Delen via WhatsApp